|
De ontmoeting
Rollin: Ik kende de foto's van Yves uit het tijdschrift van Natuurreservaten vzw, de voorloper van Natuurpunt.
Toen er in een verjaardagsnummer ook een foto van de fotograaf zelf
stond, keek ik eerlijk gezegd een beetje verbaasd op, ik had niet
verwacht dat hij nog zo jong was. Zijn foto's waren toen al (hij moet
dan een jaar of 15, 16 geweest zijn) zeer matuur en eigenlijk viel hij
helemaal niet op tussen de fotografen van zwaarder kaliber. Trouwens,
vergeleken met andere mid-twintigers steekt hij er vandaag nog altijd
met kop en schouders bovenuit.
Yves van zijn kant was onder de indruk van de reportage-stijl van
Rollin. Tijdens een fortenweekend van JNM (Jeugdbond voor Natuurstudie
en Milieubescherming) toonde Rollin een diareeks over vleermuizen. Hij
vertelde daarbij sterke reportageverhalen: hoe hij overal naartoe was
gereisd om die ene bepaalde soort te fotograferen, welke toeren hij had
moeten uithalen om dat ene knappe beeld te schieten. Ik deed op dat
moment nog alles met mijn fietske, mijn werkgebied reikte niet verder dan een straal van 500 meter rond het huis van mijn ouders.
Na het fortenweekend blijven de twee elkaar sporadisch tegen het
lijf lopen op JNM-kampen. Wanneer Yves een paar jaar later een cursus
volgt waar Rollin één van de lesgevers is, en Rollin hem kort daarna
een opdracht doorspeelt voor een Denderreportage, is de kogel door de
kerk en gaat de spreekwoordelijke bal aan het rollen.
Op
een bepaald moment hadden we een soort mini-fotografie clubje van vier.
Later hebben we zelfs een echte natuurfotografieclub opgericht.
Iedereen bleef daar maar om zagen, maar toen het er eindelijk was, kwam
niemand naar de bijeenkomsten. Exit natuurfotografieclub.
127% natuur
Dat
we natuurfotograaf geworden zijn, heeft alles te maken met onze liefde
voor de natuur. We zijn allebei ex-JNM-ers, al van jongsaf aan wilden
we zoveel mogelijk buiten zijn. Als we dan leuke of interessante
planten of dieren zagen, dan werd daar al eens een fotootje van
genomen, maar de liefde voor de natuur was er lang voor we serieus aan
fotografie zijn beginnen doen.
Wij hebben ook allebei natuur-georienteerde studies gedaan (nvdr.
Rollin is bio-ingenieur in het Land- en Bosbeheer, Yves is
landschapsarchitect) én we zijn ook beroepsmatig nog eens bezig met
natuur (nvdr. Rollin is docent bij Inverde, Yves werkt op het Instituut voor Natuurbehoud). Dat kunnen
maar weinig professionele natuurfotografen zeggen in België, de meesten
hebben een opleiding en/of beroep dat weinig of niets met natuur te
maken heeft.
t Is nochtans belangrijk
Doordat
we zo veel afweten van de natuur kunnen we heel goed meedenken met onze
opdrachtgevers. Zodra we een opdracht krijgen rond een bepaald
onderwerp, schuift als het ware de ganse biodiversiteit aan onze ogen
voorbij. Stel, iemand vraagt ons om een reportage te maken over de
heide, dan weten wij meteen wat er allemaal aan bod moet komen om die
publicatie volledig en inhoudelijk correct te maken.
We
proberen ook zoveel mogelijk onze onderwerpen in een context te
plaatsen. Dus niet gewoon een plaatje van een dier bijvoorbeeld, maar
ook een stukje omgeving erbij. Die achtergrond moet uiteraard kloppen
en dat weet je pas als je de ecologie van je onderwerp door en door
kent. Wij hebben al een zeer brede basis vanuit onze opleiding en ons
beroep, maar dan nog studeren we voortdurend bij. Mensen die vanuit
algemene fotografie overstappen naar natuurfotografie hebben meestal te
kampen met een grote achterstand op dat vlak. Ze kunnen technisch
misschien wel heel goed zijn, maar ze missen vaak de inhoudelijke
invulling. Dat betekent niet dat ze geen goede natuurfotografen kunnen
worden, maar ze zullen extra hard moeten werken en heel veel
bijstuderen.
Straffe toeren
Sommige onderwerpen fotografeer je gemakkelijker als je alleen bent,
maar we trekken er ook regelmatig samen op uit. Omwille van het licht
kan je slechts een paar uur per dag écht fotograferen, de rest van de
tijd valt er doorgaans niet veel te beleven. Het is leuker als er dan
iemand in de buurt is met wie je goed kan opschieten én het is meteen
ook veiliger. Hmmm, is natuurfotografie dan zo gevaarlijk?
Het is meer een zaak van gedrevenheid. De meeste (amateur)fotografen
willen wel graag foto's nemen, maar dan liefst in zo comfortabel
mogelijke omstandigheden. Pas op, daar is niets verkeerds aan, elk zijn
ding... Wij gaan echt tot het uiterste om goede beelden te maken van
moeilijke onderwerpen. Als we iets willen hebben dan gaan we ervoor,
ook al moeten we daarvoor afdalen in een 60 meter diepe grot of dagen
aan een stuk bij -10°C in een piepklein schuilhutje zitten wachten. Het
is niet zo dat we op zoek gaan naar het avontuur voor het avontuur, het
zijn de beelden die we in ons hoofd hebben die ons soms verplichten om
straffe toeren uit te halen. Maar we nemen nooit zinloze risico's en we
weten altijd heel goed waar we aan beginnen. In de winter, als er door
het slechte weer minder gefotografeerd kan worden, oefen ik mijn
klimtechnieken in de appelboom, verduidelijkt Rollin. En 's avonds voor
de televisie is het regelmatig knopen leggen geblazen, ik leg de
verschillende knopen keer na keer, tot ik ze blindelings ken.
Bosmuizen op de keukentafel
We krijgen nogal eens de opmerking te horen dat al dat gefotografeer
van onschuldige beestjes toch niet goed kan zijn voor de natuur, dat
wij de natuur te veel zouden verstoren. Dat klopt en dat klopt niet.
Mensen die minder afweten van de natuur, maximaliseren al snel de
impact van de fotograaf op de natuur. Uiteraard proberen we de natuur
zo weinig mogelijk te verstoren tijdens ons werk, daarvoor respecteren
we haar te veel. Maar hoe je 't ook draait of keert, invloed is er
altijd. Je mag echter niet uit het oog verliezen dat verstoring van één
enkel individu niet per definitie schadelijk hoeft te zijn voor de
ganse soort, toch niet als het een algemene soort betreft. Als je een
bosmuis wil fotograferen, kan je ofwel die muis vangen, thuis in een
natuurgetrouw nagebouwd biotoopje op je keukentafel fotograferen en het
diertje na afloop weer vrijlaten op de plaats waar je het hebt
gevangen. Of je kan twee weken in het bos op je buik gaan liggen voor
een holletje van een bosmuis. De tweede optie lijkt misschien veel
bosmuisvriendelijker, maar dat is niet zo. De muis is even gestresseerd
want durft zijn holletje niet meer uit, je hebt schade aangebracht aan
de bodem en alle dieren uit de buurt die daar normaal gezien passeren
om eten te zoeken, zijn ook al uit hun lood geslagen. Je impact op de
natuur is in dat geval dus véél groter.
|
Wij
zijn heel open over onze manier van werken. Toch krijgen we volop hulp
van mensen die actief bezig zijn met natuurbehoud. Onze beelden worden
ook heel vaak gebruikt in publicaties voor natuurbehoudsdoeleinden.
Door deze organisaties sterke kortingen aan te bieden of zelfs gratis
te werken proberen we de impact die we hebben door in de natuur te
toeven op een of andere manier in een positieve balans om te draaien.
Een dynamisch archief
We hebben een aardige stock van beelden, maar dat betekent niet dat
we bij iedere bestelling maar een ladertje hoeven open te trekken, het
gevraagde beeld op te sturen, de factuur te ontvangen en klaar is kees.
't Zou misschien handig zijn, maar zo werken wij niet. Ten eerste zijn
de opdrachten vaak zo specifiek dat we verplicht zijn nieuwe beelden te
maken. Ten tweede blijven we proberen onze beelden constant te
verbeteren, en dat kan enkel door heel veel te fotograferen. We zijn
trouwens heel kritisch op ons eigen materiaal (*). Het gebeurt
regelmatig dat fotos die een paar jaar oud zijn, zonder pardon in de
prullenmand belanden, gewoon omdat we die vandaag niet goed genoeg meer
vinden. Wat dan weer ten goede komt aan de dynamiek van ons archief.
(*)
Op de vraag wat ze elkaars beste foto vinden, luidt het antwoord: Alle
fotos van Yves (Rollin) en Alle fotos van Rollin (Yves). Dat Rollin het
liefst beestjes fotografeert en minder affiniteit heeft met
landschappen en vogels (de lievelingsonderwerpen van Yves) kan hier
iets mee te maken hebben, maar evenzeer het wederzijds respect voor
elkaars werk.
Club Schuilhut
Onze reizen naar het buitenland zijn altijd aparte belevenissen,
maar het is niet wat de meeste mensen er zich bij voorstellen. Wanneer
een amateurfotograaf op reis gaat, dan ziet hij wel wat er aan zijn
lens passeert, het maakt eigenlijk niet zo veel uit, zolang hij maar
mooie foto's heeft. Wij reizen altijd heel gericht. Als we naar een
bepaalde plaats trekken dan is dat omdat we weten dat daar een bepaald
onderwerp kan worden gefotografeerd. Als je op die manier reist, vraagt
dat superveel voorbereiding, want je wil zo weinig mogelijk aan het
toeval overlaten en je wil ook liefst terugkomen met zoveel mogelijk
beelden van je verlanglijstje.
Soms vind je wat je wil fotograferen, soms niet. Soms kom je ook
veel meer tegen dan je had verwacht. Soms heb je tijdens een reis
prachtige beelden geschoten en wordt al je materiaal gestolen, zodat
alle moeite voor niets is geweest.
Onze reizen zijn ook niet echt comfortabel te noemen: onze rugzak
weegt al snel 30 kg, dus ver wandelen is er meestal niet bij. Vaak
moeten we onmenselijk vroeg opstaan. Soms moeten we de avond ervoor al
in de schuilhut zitten omdat anders de dieren die we willen
fotograferen niet komen opdagen. Dan slapen we zittend op een
vouwstoeltje of helemaal niet. Onze laatste reis naar Zweden was een
echte uitputtingsslag, vertelt Yves. We pendelden tussen een schuilhut
van waaruit we kraanvogels fotografeerden en onze schuiltentjes in het
hoogveen waarin we op de loer lagen voor korhoenders. Na dagenlang
wachten, veel gesleur met het zware materiaal en veel te weinig slaap,
werd ons geduld eindelijk beloond en vertoonden de korhoenders zich
vlak voor onze tentjes. Nu hebben wij wel allebei een vrij stil
toestel, maar toch hoor je iets je als je op de ontspanner drukt. In
het tentje naast mij bleef het doodstil: Rollin was van pure uitputting
in slaap gevallen en heeft het moment suprême van het
korhoendergebeuren gemist!
De schaduwzijde
Leven met een natuurfotograaf is niet altijd evident, daar zijn we
ons heel goed van bewust. We zijn heel vaak weg van huis en als we wél
in het land zijn, moeten we vaak heel vroeg opstaan en komen we pas
heel laat weer thuis.
Als we samen met onze partner op reis gaan, dan wordt er meestal
toch nog gefotografeerd, zij het minder intensief. Alhoewel. Als ik mij
kan concentreren op de plaatselijke kathedralen en zo, dan kan ik het
wel een week of twee volhouden zonder fototoestel grinnikt Rollin. Yves
schudt een beetje meewarrig het hoofd, Een week zonder fotograferen?
Neen, dat lukt mij (nog) niet.
Dromen
Onze twee natuurfotografen hebben inmiddels zowat gans Europa
afgereisd. Is er nog een plek waar zij van dromen? Ja hoor, Rollin wil
graag de Donaudelta afvaren met een kajak één van de grootste
vleermuispopulaties in Zuid-Oost Europa bezoeken. Yves droomt luidop
van geelsnavelduikers op Nova Zembla, indien mogelijk met ongelimiteerd gebruik van een helicopter.
Alle
mogelijke interpretaties van bovenstaande paragraaf als zijnde
overduidelijke hints naar eventuele opdrachtgevers zijn louter fictief
maar zullen desalniettemin in ernst overwogen worden.
Eindgeneriek
"En hoe zit het nu met de stikmachine uit de titel?", vraagt u zich
misschien af. Wel, we hebben het enkel van horen zeggen, maar naar het
schijnt stikken Rollin en Yves hun schuiltentjes zelf en zijn ze daar
bovendien zeer bedreven in.
© 2004 - Veronique De Smedt
|